NL / EN

MEERJARIGE ACTIVITEITENSUBSIDIE FESTIVALS EN CONCOURSEN 2013-2016

CEMENT

inleiding

Festival Cement is een zesdaags vak- en makersfestival dat een podium biedt aan talentvolle jonge of beginnende theatermakers, choreografen en schrijvers, de meesten met wortels in Zuid-Nederland of Vlaanderen. Het wil als ontmoetingsplek en platform een bijdrage leveren aan de ontwikkeling en doorstroming van talentvolle makers. Het festival bestaat dertien jaar en wordt jaarlijks georganiseerd in maart, afwisselend in ’s-Hertogenbosch en Maastricht. Artistiek coördinator is Leonie Clement.
Het festival vertrekt vanuit de makers en kiest voor voorstellingen, onderzoekspresentaties en tekstlezingen van makers wier werk een grote mate van authenticiteit kent en een persoonlijke signatuur vertoont. Het gepresenteerde werk dient te getuigen van visie en reflectie op de omringende wereld en moet toeschouwers weten te raken. De voorkeur gaat uit naar makers die niet binnen een vaste structuur werkzaam zijn en hun weg zoeken naar podia en producenten. In principe gaat het festival meerjarige relaties met hen aan, zodat ze het festival als opstap kunnen gebruiken voor verdere ontwikkeling en presentatiemogelijkheden. Behalve reeds afgestudeerde makers presenteert Cement onder de noemer Turbulentie ook een selectie van werk van kunstvakstudenten van de Fontys Hogeschool voor de Kunsten en de Toneelacademie Maastricht. Festival Cement roept ook jaarlijks jonge en beginnende zuidelijke theatermakers, choreografen en schrijvers op om ideeën en plannen voor een voorstelling, performance of tekst in te dienen om mee te dingen naar de Dioraphte Stimuleringsprijs (7.500 euro). Tijdens Cement wordt deze prijs uitgereikt; de winnaar mag voor de volgende festivaleditie een uitwerking van zijn winnende plan presenteren.
In de afgelopen periode bracht Cement het aantal gepresenteerde makers terug van dertig tot ongeveer twintig. Iedere maker kan hierdoor drie keer spelen; de selectie krijgt een meer uitgesproken karakter. Dit beleid wordt voortgezet in de komende periode. Verder wordt het buitenlandse aanbod uitgebreid om een internationale kleur toe te voegen aan het festival. Eerder werd de focus op Vlaamse programmaonderdelen reeds verstevigd en werd in samenwerking met de Stichting Jheronimus Bosch 500 een meerjarentraject opgestart met Bosch Nursery, dat in 2012 bestond uit drie internationale dansvoorstellingen en een contextprogramma. In 2013 wordt in het kader van dit traject met een groep internationale makers een artist-in-residence-programma opgestart.
Cement wil zich de komende periode sterker profileren als vakfestival door binnen- en buitenlandse programmeurs, producenten, financiers en journalisten actiever bij het festival te betrekken als talentscouts, mentoren, gesprekspartners en sprekers. Het festival organiseert een randprogramma dat onder meer bestaat uit een dagelijkse talkshow, een speeddate, een makerslunch en een project met critici van het Domein voor Kunstkritiek. Daarnaast krijgen alle deelnemende makers een mentor toegewezen, met wie ze zelf hun wijze van samenwerken overeenkomen. Tot slot zijn er educatieprogramma’s voor middelbare scholieren en kunstvakstudenten, die bij Cement kijkjes achter de schermen kunnen krijgen.
Om de doorstroom van Cement-makers te bevorderen, treedt Cement op als leverancier voor Gloednieuw, een theaterroute in Zuid-Nederland langs diverse podia. De programmeurs van de zeven deelnemende podia (waaronder ook Theaterfestival Boulevard) selecteren op Cement drie makers van wie de voorstelling zal deelnemen aan de theaterroute; een extra maker wordt gekozen door het publiek. Cement zoekt ook samenwerking met de organisaties verantwoordelijk voor de kandidatuur van Maastricht en Brabantstad/Eindhoven voor de titel van Culturele Hoofdstad 2018.

Cement ontving in de periode 2009-2012 meerjarige ondersteuning van de gemeenten ’s-Hertogenbosch en Maastricht en de provincies Limburg en Noord-Brabant. Een aanvraag bij het Fonds Podiumkunsten in het kader van de vierjarige subsidieregeling voor diezelfde periode werd niet gehonoreerd. Voor de edities 2009 tot en met 2011 ontving Cement van het Fonds een subsidie in het kader van de regeling Festivals & Concoursen; in 2012 kreeg het festival bovendien een programmeringssubsidie voor bestaande festivals.

beoordeling

Artistieke kwaliteit
ruim voldoende
De commissie beoordeelt de artistieke kwaliteit van Cement als ruim voldoende. Het festival presenteert oorspronkelijk werk van een jonge generatie makers uit het zuiden van Nederland en Vlaanderen. Deze makers zoeken naar nieuwe, originele uitingsvormen van theater en dans. De kracht van het festival ligt volgens de commissie vooral in de eigenzinnigheid en vasthoudendheid waarmee de organisatie nieuw werk van (redelijk) onervaren makers voor het voetlicht brengt. Hierin neemt Cement sterk zijn verantwoordelijkheid voor de jongste generatie makers in het veld; het festival steekt zijn nek uit voor onbekende talenten en doet recht aan hun originele signatuur. De opbouw van het festival, waarbij in kort tijdsbestek vele producties per dag kunnen worden bezocht, draagt bij aan de festivalsfeer.
Wel bemerkt de commissie dat het proeftuinkarakter van Cement regelmatig de overhand neemt: het aandeel onderzoeken, vooronderzoeken en proeven wil het aandeel voltooide voorstellingen in het programma nog al eens overschaduwen. Het festival toont werk van makers in alle mogelijke stadia, maar maakt volgens de commissie in zijn presentatie naar buiten toe nog te weinig onderscheid tussen de verschillende fasen waarin een productie zich bevindt. Als geïnteresseerde maar niet-ingevoerde bezoeker is het moeilijk het juiste momentum van een gepresenteerde voorstelling in te schatten. Deze bezoekers zouden actiever met heldere menu’s door het gevarieerde programma heen gegidst moeten worden, met een zorgvuldig opgebouwde mix van voltooide voorstellingen en work-in-progress. De vraag welk publiek je zinvol moet confronteren met work-in-progress kan meer ter harte worden genomen. Vier jaar geleden werd de organisatie in het advies met eenzelfde kritiek geconfronteerd. De commissie constateert wel een stap in de goede richting door de beperking tot twintig makers; dit noopt tot een strengere en meer uitgesproken selectie. De commissie is van mening dat de organisatie deze strengere selectie kan aangrijpen om het probleem van een te groot aandeel onvoltooid werk te ondervangen.
De commissie vindt het voornemen om voorstellingen uit andere landen dan België (Vlaanderen) te presenteren weinig zinvol; deze koers is in 2012 ingezet. Dit verwatert volgens de commissie het artistieke profiel van Cement, dat nu wordt bepaald door de focus op beginnende makers uit zuidelijk Nederland en Vlaanderen. Het plan geeft onvoldoende motivatie voor deze keuze voor een ‘inspirerende internationale kleur’ en overtuigt de commissie niet van de noodzaak om bijvoorbeeld buitenlandse artists-in-residence aan het werk te stellen of buitenlandse voorstellingen te programmeren. Het plan benoemt onvoldoende op grond waarvan deze kunstenaars en voorstellingen uit het buitenland worden geselecteerd en of dit ook beginnende makers zijn, en zo ja, wat wordt beoogd met een presentatieplek voor deze buitenlandse makers.

Bijdrage aan de ontwikkeling podiumkunsten
ruim voldoende
De bijdrage aan de ontwikkeling van de podiumkunsten beoordeelt de commissie als ruim voldoende. Met name voor de provincies Limburg en Noord-Brabant vervult Cement een belangrijke rol voor de presentatie en ontwikkelingskansen voor jonge makers. Het festival denkt vanuit het belang van de maker en fungeert als belangrijke ontmoetingsplek voor makers en programmeurs. Vaak worden getalenteerde makers uit de regio Zuid-Nederland door hun presentatie tijdens Cement opgepikt door media en/of programmeurs. Met het wegvallen van de productiehuizen, waaronder het aan Cement gelieerde Productiehuis Brabant en het Huis van Bourgondië, acht de commissie de rol van Cement als presentatieplek voor jonge makers van toenemend belang. In het licht van de doorstroming naar podia is de deelname van Cement aan de theaterroute Gloednieuw zinvol, met concreet resultaat en commitment. De komende tijd investeert Cement bovendien in het aantrekken van buitenlandse programmeurs, waardoor de kans op doorstroming elders groter wordt voor succesvolle Cement-makers.
De commissie is voorzichtig positief over de plannen van Cement om zijn positie als vakfestival voor programmeurs, producenten, financiers en journalisten de komende periode te verstevigen door deze groep professionals te vergroten en actiever te betrekken bij het festival als talentscouts, mentoren, gesprekspartners en sprekers. In het verleden vond de commissie het verdiepingsprogramma van wisselende kwaliteit, met als effect ook een wisselende bijdrage van Cement op het inhoudelijk discours over theater en dans. De commissie waardeert de plannen om dit verder aan te scherpen, maar mist in de aanvraag nog een concrete, aansprekende uitwerking.
De bijdrage van Cement aan de talentontwikkeling van jonge makers verschilt volgens de commissie sterk per maker en wordt nog niet ten volle benut binnen de mogelijkheden die een festival als Cement heeft. Ze waardeert de traditie van Cement om met makers meerjarige trajecten aan te gaan en meent dat het festival zich actiever kan opstellen in het gedifferentieerd aanbieden van talentontwikkelingstrajecten. De organisatie draagt de begeleiding en de coaching nu over aan een zelf in te vullen een-op-eenrelatie tussen maker en mentor – een programmeur, dramaturg, regisseur, wetenschapper of subsidiënt. Op zich kan zo’n mentorschap zeer vruchtbaar zijn, mits door de organisatie in goede banen geleid en getoetst aan vooraf geformuleerde doelstellingen. Nu heeft dit proces nog een vrijblijvend en willekeurig karakter.

Ondernemerschap
voldoende
De commissie beoordeelt het ondernemerschap van Cement als voldoende. Zij plaatst een aantal kritische kanttekeningen. De afgelopen periode is het de organisatie nog niet gelukt een gezonde financiële basis op te bouwen; het negatieve eigen vermogen wordt volgens het plan ook de komende jaren niet opgelost. Cement maakt hoge kosten en weet daar maar zeer beperkt eigen inkomsten tegenover te stellen. De beheerslasten zijn hoog en stijgen de komende jaren verder doordat de zakelijk en artistiek leider, de programmamedewerker en de communicatiemedewerker meer uren gaan werken. Dit hangt onder meer samen met het wegvallen van de productiehuizen die een deel van de organisatie voor hun rekening namen. De organisatie verklaart de stijging van de beheerslasten ook door de toename van het aantal activiteiten op het gebied van internationalisering en communicatie. Dat de totale kosten de komende periode bijna verdubbelen is bovendien toe te schrijven aan het feit dat Cement reële uitkoopsommen wil bieden aan makers – iets wat de commissie lovenswaardig vindt, waar het om voltooide voorstellingen gaat.
De commissie meent dat het festival tegenover de fikse kostenverhoging meer gevarieerde inspanningen dient te stellen om eigen inkomsten binnen te halen; het haalt maar net de streefnorm. Weliswaar verdubbelen de komende periode de publieksinkomsten bijna door een verhoging van de entreeprijzen, maar verder blijft het festival erg afhankelijk van publieke ondersteuning. De organisatie benadrukt dat de eigen verdiencapaciteit van een vakfestival gering is en slechts beperkt kan worden vergroot. Daarom wil ze haar inkomsten in eerste instantie vergroten door meer overheidsbijdragen te genereren van het Fonds Podiumkunsten, de provincies Noord-Brabant en Limburg en, in het kader van de internationale programmering, van Europa (in samenwerking met de Stichting Jheronimus Bosch). Daarnaast wil de organisatie het aandeel private gelden licht uitbreiden door middel van een partnerschap voor professionals en een prijsverhoging voor voorstellingskaarten. Dit vindt de commissie voor de hand liggende inspanningen. Ze meent dat een organisatie die zichzelf versterkt, meer kan inzetten op bijvoorbeeld sponsorwerving of andersoortig inhoudelijk en financieel commitment van derden. Het valt op dat het festival geen inkomsten binnenhaalt uit zaken als horeca, merchandise, programmaverkoop, advertentieverkoop of andere creatieve inkomstenbronnen.
Op het gebied van marketing richt Cement zich succesvol op professionals en kunstvakstudenten, maar blijft het aandeel cultuurliefhebbers uit potentieel publiek achter. Het totale aantal bezoekers is al jaren aan de geringe kant. Al eerder constateerde de commissie dat Cement zijn strategie dient te verbeteren voor het introduceren van jonge makers bij een geïnteresseerd publiek. Voor de komende periode wil Cement cultuurliefhebbers aan zich binden door onder meer een intensief gebruik van sociale en digitale media en door het versterken van de publiciteit. Maar hoewel hiervoor de communicatiemedewerker meer uren in dienst wordt genomen en de marketingkosten stevig worden opgevoerd, voorziet het festival vreemd genoeg geen toename van het aantal bezoekers; dat blijft volgens zijn eigen inschatting in 2013 en 2014 gelijk als in voorgaande jaren.

Bijdrage aan de pluriformiteit
neutraal
De bijdrage aan de pluriformiteit van het Nederlands podiumkunstenaanbod beoordeelt de commissie als neutraal. De activiteiten leveren volgens de commissie geen bijzondere bijdrage aan de pluriformiteit. De commissie merkt op dat er naast Cement meerdere festivals en podia in Nederland zijn die zich bezighouden met de presentatie van jonge makers in de disciplines dans en theater.

Bijdrage aan de geografische spreiding
ruim voldoende
Het festival vindt alternerend plaats in Maastricht en 's-Hertogenbosch; daarmee is de bijdrage aan de spreiding beter dan gemiddeld. Anderzijds merkt de commissie op dat in en rond beide steden niet, zoals in bepaalde regio’s, sprake is van het geheel ontbreken van vergelijkbaar aanbod. In 's-Hertogenbosch en Maastricht vinden diverse andere festivals plaats, en beide steden en omgeving kennen een goede culturele infrastructuur op het gebied van de podiumkunsten.

Financiële bijdrage provincie of gemeente
zeer goed
Cement heeft in de afgelopen periode structurele subsidies ontvangen van de gemeenten 's-Hertogenbosch en Maastricht en de provincies Noord-Brabant en Limburg. Voor de periode 2013-2016 vraagt het bij de gemeenten een bedrag aan van 52.000 euro en bij de provincies een bedrag van 140.000 euro. Als alle bedragen worden toegekend, is er sprake van een stevige lokale en regionale bijdrage.

Toeslag
Cement vraagt een toeslag aan om jaarlijks vier jonge makers repetitieruimte en geld te bieden voor het maken van een coproductie. Daarmee stelt het festival de geselecteerde makers in staat nieuw werk te ontwikkelen. Het festival wil hiermee een bijdrage leveren aan hun zelfstandig ondernemerschap en (mede)verantwoordelijkheid nemen voor de ontwikkeling van talent binnen de keten van productie en presentatie. Dit coproduceren is een nieuwe lijn binnen Cement. De commissie mist in het plan echter een uitwerking van de plannen; Cement benoemt niet om welke makers het gaat, welke producties zij in grote lijn zullen maken en in samenwerking met wie ze dat zullen doen. Daardoor motiveert het plan onvoldoende om welke mogelijkheden het gaat die zouden kunnen bijdragen aan de innovatie van het aanbod.

conclusie

De commissie concludeert dat ze de artistieke kwaliteit en de bijdrage aan de ontwikkeling van de podiumkunsten als ruim voldoende beoordeelt en het ondernemerschap voldoende acht. De bijdrage aan de pluriformiteit vindt ze neutraal. De bijdrage aan de spreiding is beter dan gemiddeld. Het plan voor innovatie vindt de commissie onvoldoende aansluiten bij de doelstelling van dit onderdeel. De commissie adviseert derhalve de aanvraag van Cement alleen te honoreren als het budget dat toelaat en in dat geval een bedrag van 125.000 euro toe te kennen, zijnde het basisbedrag voor kleine en middelgrote festivals.



Aangevraagd bedrag 2013-2014€ 300,000
Basissubsidie per editie € 125,000
Toeslagniet toekennen
Totaal subsidie voor 2 jaar0 *

festivals

organisatieaangevraagdtoekennen

5 Days Off€ 125.0000
Amersfoort Jazzfestival€ 125.0000
Amsterdam Dance Event€ 150.0000 *
Amsterdam Roots Festival€ 125.0000
Amsterdamse Cello Biennale€ 125.0000 *
Amsterdams Kleinkunst Festival€ 50.0000 *
Cement€ 150.0000 *
Charles Hennen Concours€ 50.0000
Circo Circolo€ 125.0000 *
Cultura Nova€ 150.0000 *
Dutch Jazz Competition€ 50.0000
Eurosonic Noorderslag€ 150.000€ 125.000 per editie
Festival Oude Muziek€ 300.000€ 250.000 per editie
Flamenco Biennale Nederland€ 150.0000 *
Gaudeamus Muziekweek€ 150.0000 *
Grachtenfestival Amsterdam€ 125.0000 *
hetdansfestival.nl€ 150.0000 *
Incubate€ 300.0000 *
Internationaal Kamermuziek Festival Utrecht€ 50.0000
Internationaal Orgelfestival Haarlem€ 150.0000 *
Internationaal Vocalisten Concours€ 50.0000 *
De Internationale Keuze€ 125.0000 *
Internationale Koorbiënnale€ 150.0000 *
Its Festival€ 150.0000 *
Jonge Harten Festival€ 125.0000 *
Julidans€ 150.000€ 125.000 per editie
Liteside Festival€ 20.0000
Metropolis Festival€ 150.0000
Motel Mozaique€ 125.0000 *
Mundial€ 150.0000 *
Musica Sacra€ 150.000€ 125.000 per editie
Music Meeting€ 150.000€ 125.000 per editie
Nederlandse Dansdagen€ 150.0000 *
Nederlands Theater Festival€ 150.000€ 125.000 per editie
Noorderzon Performing Arts Festival€ 300.000€ 250.000 per editie
November Music€ 150.000€ 125.000 per editie
Oerol€ 300.000€ 250.000 per editie
Operadagen Rotterdam€ 300.000€ 125.000 ** per editie
Rotterdam Philharmonic Gergiev Festival€ 150.0000
Rotterdam Unlimited€ 125.0000
Sonic Acts€ 150.0000 *
SPRING festival Utrecht€ 150.000€ 150.000 per editie
Theaterfestival Boulevard€ 300.0000 *
Tromp Percussion Eindhoven€ 50.000€ 50.000 per editie
Tweetakt€ 300.000€ 300.000 per editie
De Viooldagen€ 50.0000 *