NL / EN

MEERJARIGE ACTIVITEITENSUBSIDIE FESTIVALS EN CONCOURSEN 2013-2016

ROTTERDAM PHILHARMONIC GERGIEV FESTIVAL

Rotterdam Philharmonic Festival

inleiding

Het Rotterdam Philharmonic Gergiev Festival is een klassieke muziekfestival dat jaarlijks gedurende tien dagen in september in Rotterdam plaatsvindt. Het festival kiest jaarlijks een thema waarbij de stad centraal staat. Het Rotterdam Philharmonic Gergiev Festival bestaat sinds 1996, opgericht door het Rotterdams Philharmonisch Orkest en haar toenmalige chef-dirigent Valery Gergiev. Na het vertrek van Gergiev bij het orkest is de afgelopen jaren gewerkt aan de thematische, inhoudelijke verankering van het festival zonder de meerwaarde van de aanwezigheid van Valery Gergiev te verliezen, die jaarlijks voor het festival terugkeert. Het festival zal vanaf 2013 onder een nieuwe naam doorgaan. Voorlopig is gekozen voor de werktitel: Rotterdam Septemberfestival. Het artistiek team wordt gevormd door Valery Gergiev, Yannick Nézet-Séguin, Hans Waege en Jelle Dierickx.
Sinds 2011 is de programmering van het festival gebaseerd op vijf pijlers: symfonisch werk, internationale operaproducties, happenings, Parels (kamermuziek) en Little g (educatieve producties). Volgens aanvrager onderscheiden de symfonische concerten zich steeds meer van de reguliere concerten, omdat ze aansluiten bij het gekozen thema en door bijzondere festivalformats. Vanaf 2013 zullen eigen internationale operaproducties jaarlijks op het programma staan. Daarbij is gekozen voor een verbinding van opera met state-of-the-art videokunst om daarmee film- en muziekstad Rotterdam op het gebied van opera een eigen 21e-eeuws gezicht te geven. Happening 'C the City' wordt vanaf 2012 uitgebouwd tot een van de belangrijkste pijlers van het festival.
In afgelopen editie speelde Rotterdam al een belangrijke rol als internationale havenstad en als maatschappelijke draaischijf in de zeetrilogie (2011-2013). Voor de periode tot 2017 heeft het festival de thematiek uitgewerkt volgens het principe van een windroos, met Rotterdam als kern: 'Dutch Delight' (East, 2014), 'North Star' (North, 2015), 'Be Wild!' (West, 2016) en 'Southern Heat' (South, 2017). In deze grootse quadrologie wordt het glocal principe artistiek onderzocht. Waar het Rotterdam Philharmonic Gergiev Festival stevig verankerd is in de stad Rotterdam, kijkt het van daaruit naar de rest van de wereld. Samen met en net zoals Erasmus gaat het festival op reis langs de huidige wereldcentra op gebied van kunst, cultuur en denken. Men kijkt daarbij vanuit Rotterdam met de blik van Lazarillo de Tormes (kikvorsperspectief) naar de rest van de wereld.
De organisatie streeft ernaar dat het festival in 2013-2016 hét allround klassieke muziekfestival van Nederland wordt. Daarbij wil het festival het publieksbereik elk jaar laten groeien met 1.500 bezoekers: van 21.500 in 2013 tot 23.000 in 2014, waarvan 17.500 betalende bezoekers. Het festival beoogt daarbij een muzikaal stadsfestival te worden en Rotterdam een breed uit te dragen artistiek profiel te geven.

De subsidieaanvraag van het Rotterdam Philharmonic Gergiev Festival in 2008 in het kader van de vierjarige subsidieregeling van het Fonds Podiumkunsten is afgewezen. Het festival ontvangt structurele subsidie van de gemeente Rotterdam. Het festival heeft in afgelopen periode bijdragen van het Fonds ontvangen uit de programmeringsregeling voor festivals.

beoordeling

Artistieke kwaliteit
ruim voldoende
De kwaliteit van de programmering van het Rotterdam Philharmonic Gergiev Festival staat buiten kijf: die is zonder meer goed en gedragen door de kwaliteit en het vakmanschap van het orkest. Het festival heeft een stevige naam opgebouwd en geeft het klassieke muziekseizoen in Rotterdam jaarlijks een vliegende start. De organisatie probeert daarbij al jaren een zelfstandig, los van het Rotterdams Philharmonisch Orkest staand festivalprofiel te presenteren. De commissie is van mening dat juist dat niet lukt: het festival is en blijft een (mooie) showcase van het Rotterdams Philharmonisch Orkest. Ook in het nieuwe plan ziet de commissie geen festival met een eigen artistieke signatuur ontstaan. Daarvoor zijn festival en orkest nu eenmaal te veel vervlochten.
De aandacht die het festival genereert wordt primair getrokken door het symfonische werk. De commissie vindt het positief dat het orkest hier nu meer programma’s voor ontwikkelt die aansluiten bij het gekozen thema, maar volgens haar maakt dat voor de perceptie van het publiek niet veel uit. Het publiek komt graag voor een bijzonder concert van het orkest, en helemaal als Valery Gergiev voor een gastoptreden in Rotterdam is. Een naamswisseling van het festival zal daar weinig aan veranderen en volgens de commissie eerder voor verwarring zorgen dan dat het een helder nieuw gezicht representeert.
Die nauwe verbinding, waarbij het festival als podium voor het orkest fungeert, blijft door alle plannen heen sijpelen. Zo schrijft aanvrager bijvoorbeeld over het voornemen om andersoortige operaproducties te ontwikkelen, waarmee 'het festival en het orkest internationaal een reputatie willen gaan opbouwen'. Dat laat overigens onverlet dat de commissie de heroriëntering van de operaproducties naar opera gelinkt aan state-of-the-art videokunst als een interessante ontwikkeling beschouwt.
De commissie vindt de plannen die het festival voor de overige onderdelen ontwikkelt, en die sterker het eigen gezicht van het festival moeten representeren, juist zeer globaal uitgewerkt. Los van de constatering dat ook hierbij de musici en de educatieafdeling van het orkest een belangrijke rol spelen, vindt de commissie de thematische programmering vrij gratuit ingevuld. Het is een hele globale kapstok waar alles aan opgehangen kan worden, zonder dat er sprake is van een sterke artistieke visie op wat men wil laten horen en zien. Dat maakt dat de commissie het grote vakmanschap en de gebrekkige oorspronkelijkheid tegen elkaar afwegend de artistieke kwaliteit van het festival als ruim voldoende beoordeelt.

Bijdrage aan de ontwikkeling podiumkunsten
zwak
Volgens aanvrager ligt de bijdrage in het nieuwe elan van het festival, waarbij de happenings 'C in the City' en 'Little g' als ook de herorientering van de operaproducties als vernieuwend element worden aangedragen. De commissie is van mening dat die onderdelen zeker een bijdrage leveren aan de ontwikkeling van het festival zelf, maar niet aan de, in de regeling breder bedoelde, ontwikkeling van de podiumkunsten.
De activiteiten, 'C in the City' en 'Little g', beogen een nieuw publiek, zowel oud als jong, kennis te laten maken met het festival, door bijvoorbeeld 'Het Langste Orkest ter Wereld' op de Erasmusbrug te organiseren, of met programmaonderdelen voor de jeugd. De commissie is ervan overtuigd dat deze laagdrempelige programmaonderdelen inderdaad aantrekkelijk zijn voor het beoogde publiek, maar vindt deze wijze van programmeren op geen enkele wijze tot ontwikkelingen binnen de muziek leiden.
Voor de ontwikkeling van de operaproducties in nauwe samenwerking met videokunstenaars merkt de commissie op dat het plan aanleiding geeft om te mogen verwachten dat dit tot mooie producties zal leiden, maar niet dat dit ontwikkelingen in het genre zal veroorzaken die niet al elders plaats hebben gevonden. Met de constatering voorts dat het festival niet een state-of-the-art op het gebied van de klassieke muziek geeft en geen activiteiten voor vakgenoten organiseert of een verdiepend randprogramma of anderszins, beoordeelt de commissie de bijdrage aan de ontwikkeling van de podiumkunsten als zwak.

Ondernemerschap
ruim voldoende
De commissie beoordeelt het ondernemerschap van het festival als ruim voldoende. Het festival heeft een sterke organisatiebasis waar kennis van ondernemerschap goed vertegenwoordigd is en een zakelijke marktaanpak. Een groot deel van de organisatie wordt gedragen door de verschillende afdelingen van het Rotterdams Philharmonisch Orkest, die daar volgens de commissie in principe goed voor geequipeerd moeten zijn. Sponsoring, marketing en educatie van het festival wordt zo in samenwerking met betreffende afdelingen van het orkest gerealiseerd, en voorts maakt het festival gebruik van de financiele afdeling van het orkest en heeft het dezelfde directeur. De bedragen die het festival voor deze activiteiten op de begroting heeft staan zijn, in vergelijking met andere festivals, zeer hoog. De commissie is zeer kritisch over de zeer forse stijging van de begroting, die onder meer noodzakelijk is omdat, aldus de aanvrager, de druk op de middelen van het orkest toeneemt en het gebruik van de Doelen (huur en faciliteiten) onevenredig zwaar op de begroting drukt. De commissie merkt op dat het festival ook organisatorisch deel uitmaakt van een in de basisinfrastructuur gesubsidieerd orkest, die met dit festival een marketingtechnisch en voor de binding met de stad goed podium voor haar activiteiten heeft gecreëerd. Ze kan zich niet aan de indruk onttrekken dat deze begrotingsgroei ook bedoeld is om het orkest te ontlasten.
De organisatie verwacht daartegenover een even zo forse stijging van de publieks- en sponsorinkomsten. De commissie merkt op dat het festival een goed percentage eigen inkomsten had en ook in komende periode verwacht en voor een goed deel ook afkomstig uit deze directe inkomsten. Hoewel de commissie zeker positief is over de marketingaanpak van het festival, gezien ook de resultaten tot dusverre, vindt ze de verwachte groei niet overtuigend onderbouwd. Te meer omdat het festival van plan is om zijn (sterke) merknaam te wijzigen.

Bijdrage aan de pluriformiteit
neutraal
De activiteiten van het Rotterdams Philharmonic Gergiev Festival leveren volgens de commissie geen bijzondere bijdrage aan de plurifomiteit. Het festival presenteert een aanbod van muziek dat ook door het jaar heen in Rotterdam en op festivals en podia in het land te beluisteren valt.

Bijdrage aan de geografische spreiding
neutraal
Het festival vindt plaats in Rotterdam; hiermee wordt geen speciale bijdrage geleverd aan de spreiding.

Financiële bijdrage provincie of gemeente
zeer goed
Het Rotterdams Philharmonic Gergiev Festival heeft in de afgelopen periode een bijdrage van 543.500 euro ontvangen van gemeente Rotterdam en vraagt voor de periode 2013-2016 een bedrag van 690.000 euro aan.
Als de gemeente het gevraagde subsidiebedrag toekent, levert dat een stevige lokale bijdrage op.

conclusie

De commissie constateert dat zij de aanvraag op de criteria van artistieke kwaliteit en ondernemerschap als ruim voldoende beoordeelt, maar de bijdrage aan de ontwikkeling van de podiumkunsten als zwak. Verder leveren de activiteiten van het festival geen bijdrage aan de pluriformiteit van het podiumkunstenlandschap of aan de spreiding van het aanbod. In de eindafweging tussen deze en andere ingediende aanvragen adviseert de commissie om die reden aanvragen die beter aansluiten bij de criteria prioriteit te geven. Zij adviseert daarom de aanvraag niet te honoreren.


Aangevraagd bedrag 2013-2014€ 300,000

festivals

organisatieaangevraagdtoekennen

5 Days Off€ 125.0000
Amersfoort Jazzfestival€ 125.0000
Amsterdam Dance Event€ 150.0000 *
Amsterdam Roots Festival€ 125.0000
Amsterdamse Cello Biennale€ 125.0000 *
Amsterdams Kleinkunst Festival€ 50.0000 *
Cement€ 150.0000 *
Charles Hennen Concours€ 50.0000
Circo Circolo€ 125.0000 *
Cultura Nova€ 150.0000 *
Dutch Jazz Competition€ 50.0000
Eurosonic Noorderslag€ 150.000€ 125.000 per editie
Festival Oude Muziek€ 300.000€ 250.000 per editie
Flamenco Biennale Nederland€ 150.0000 *
Gaudeamus Muziekweek€ 150.0000 *
Grachtenfestival Amsterdam€ 125.0000 *
hetdansfestival.nl€ 150.0000 *
Incubate€ 300.0000 *
Internationaal Kamermuziek Festival Utrecht€ 50.0000
Internationaal Orgelfestival Haarlem€ 150.0000 *
Internationaal Vocalisten Concours€ 50.0000 *
De Internationale Keuze€ 125.0000 *
Internationale Koorbiënnale€ 150.0000 *
Its Festival€ 150.0000 *
Jonge Harten Festival€ 125.0000 *
Julidans€ 150.000€ 125.000 per editie
Liteside Festival€ 20.0000
Metropolis Festival€ 150.0000
Motel Mozaique€ 125.0000 *
Mundial€ 150.0000 *
Musica Sacra€ 150.000€ 125.000 per editie
Music Meeting€ 150.000€ 125.000 per editie
Nederlandse Dansdagen€ 150.0000 *
Nederlands Theater Festival€ 150.000€ 125.000 per editie
Noorderzon Performing Arts Festival€ 300.000€ 250.000 per editie
November Music€ 150.000€ 125.000 per editie
Oerol€ 300.000€ 250.000 per editie
Operadagen Rotterdam€ 300.000€ 125.000 ** per editie
Rotterdam Philharmonic Gergiev Festival€ 150.0000
Rotterdam Unlimited€ 125.0000
Sonic Acts€ 150.0000 *
SPRING festival Utrecht€ 150.000€ 150.000 per editie
Theaterfestival Boulevard€ 300.0000 *
Tromp Percussion Eindhoven€ 50.000€ 50.000 per editie
Tweetakt€ 300.000€ 300.000 per editie
De Viooldagen€ 50.0000 *